De Panorama Route (North on R532)
Het begin van de Ngwaritsana rivier vloeit door de donkere diepten van de
nauwe kloof rechts aan het begin van de gorge.
God’s Window biedt, op een hoogte van 1730 meter een
fantastisch uitzicht over het lowveld, Kruger Nationale Park en de Lebombo
Mountains in de verte. Het natuur
reservaat bij God’s Window bevat een regenwoud en prachtige aloe vera tuinen met
verspreide zandsteen rotsen, verweerd in prehistorische vormen. Een wandelroute
leidt door het regenwoud langs de rand van de bergen naar Wonder View. Wonder
View biedt adembenemende uitzichten over het lowveld.
De Lisbon watervallen zijn een spectaculaire 95 meter
cascade die in de groene poelen beneden storten. De Lisbon stroom is typisch in
het gebied waar vroeger mensen naar goud zochtten.
De Berlin watervallen zijn vernoemd naar de boerderij op wiens gebied ze zich bevonden en zijn 45 meter hoog. Deze waterval is ontstaan door verschillende water resistentie van de rotsen. Deze waterval moet niet worden gemist en er zijn een paar optimale uitzichtspunten die de hele val laten zien.
De Bourke’s Luck Potholes ontsonden waar de Treur en Blyde
rivier samen komen en is een van de meest vreemde geologische fenomenen in het
land. Door miljoenen jaren hebben zand en rotsen in de wervelende waterstromen
die ontstaan bij het punt van samenkomen van de twee rivieren diepe cilindrische
gaten in het rivierbed gevormd. De Potholes zijn
vernoemd naar Tom Bourke, die het goud potentieel herkende in het gebied.
Hij was betrokken in de mijn organisatie die het gebied beheerde. De
ironie in de naam is dat dit gebied niet veel goud bevatte, maar aan de andere
kant van de rivier bleek meer goud in de grond te zitten.
Spectaculaire uitzichten bevattend, de Blyde River Canyon ligt in het 27 000
hectare Blyde River Canyon Natuurreservaat. Een 57 kilometer gebied wat van
Noord tot Graskop loopt langs de rand van de bergen. Door grote verschillen in
luchtdruk, temperatuur en regenval komt een grote verscheidenheid aan planten en
bomen voor. Op het hoog liggende zuidelijke gedeelte is een hoge regenval en is
bedekt met extensieve graslanden en dichte regenwouden met geelhoutbomen,
boekenhout, zilverbomen en dennen. Het centrale gebied heeft afwisselend Sour
veld (Zuur veld) en doornbomen, terwijl het Noordelijke gedeelte en de voet van
de bergen bekend staan als het Lowveld Sour Bushveld (Zuur Laagveld).
De Drie Rondavels uitzichtspunt biedt een fantastisch zicht
over de beroemde pieken van quartzite, bekend als de drie Rondavels, terwijl de
Blydepoort Dam kalm beneden in het dal ligt.
De poort of mond van de canyon ligt
tussen Swadini en Mariepskop, wat eens de plek was van een groot gevecht tussen
Swazi plunderaars uit het Zuiden en de plaatselijke Bapedi en Mapulana tribes,
die de platte top van de berg gebruikten als een veilige plek en als fort als ze
aangevallen werden. De Bapedi en Mapulana krijgers hadden genoeg van de Swazi
plunderingen dus onder leiderschap van Chief Maripi Mashile beklommen ze top van
de berg tegenover Swadini en bombardeerden de Swazi plunderaars met grote
boulders in wat bekend zou worden als het gevecht “Moholoholo”, wat “De Grote,
grote strijd” betekent.
De Swazi’s werden verslagen en hierna werd deze berg “Maripi” genoemd, ter
ere van de Mapulana chief Maripi. Ga door over de R532
langs de rollende berg graslanden, en laat de canyon achter je. Diepkloof is een
kloof ten noorden van de canyon. De Ohrigstad rivier loopt door de kloof.
Verderop leidt de weg naar beneden door de Rietvlei Vallei tot de kruising van
Route 36. Ga links bij deze kruising.
Deze route gaat over in de weg naar Sabie en Pilgrim’s Rest (R532).
De Natural Bridge (natuurlijke burg)
Dit fenomeen is hoogstwaarschijnlijk ontstaan doordat de rivier erosie
veroorzaakte en de zachtere rotsen verdwenen, alleen het harde quartzite
achterlatend.
De rivier is een bron van de Mac Mac rivier en rijst ten zuiden van Hebron,
vloeit langs de oude prospectors (goudzoekers) gebieden voordat zij door de
Natural Bridge passeert.
Ga door op de R532 en draai links richting Pilgrim’s Rest.
Maria Shires
Waterfall
Ter ere van pionier Maria Shires (geboren Taylor), ze leefde van 1814 tot 1875 en is begraven dichtbij de waterval. Ze was de moeder van Joseph Brooke Shires Jr, een pionier in het gebied die een van de eersten was die begon met bos aanleggen voor houtproductie. Hij plantte de eerste Eucalyptus en Wattle bij Onverwacht (wordt nu Brooklands genoemd) in 1876. Maria Shires’ dochter was Ann Maria Mc Lachlan die in het bezit was van het Burgers Kruis van President Burgers te ere van haar toegewijde werk als verpleegster. Haar schoonzoon; T. Mc Lachlan ontdekte samen met James Sutherland en Edward Buttons voor het eerst goud in het Spitzkop gebied op 14 Mei 1873. Hij vond later nog veel meer waardevolle mineralen in de regio. Een pionier familie die de weg opende voor goud en bos welvaart van vandaag.
Forest falls
Deze prachtige brede waterval is 10 meter hoog en ligt aan de Mac Mac rivier.
Deze waterval kan alleen bezichtigd worden door de Forest Fall Nature
Trail route te wandelen. De route start bij de Green Heritage picnic spot.
Jock of
the Bushveld
Mac Mac diggers en Transport Riders Memorial.
In de tijd dat prospector (goudzoeker) Tom McLachlan de boerderij “Geelhoutboom
kreeg”, werd goud gevonden in elke stroom en de menselijke stroom porspectors
nam toe. Het duurde niet lang voordat ze bezig waren met schop, zeef en goudpan.
Dit was de beste slag tot zo ver en trok mijners en gravers aan van over
de hele wereld.
Jansen, de landbeheerder van Lydenburg bezocht de graafgebieden regelmatig
en onder druk van ervaren gravers organiseerde hij een Gravers Committee. Hij
stelde een Amerikaan; Majoor W. MacDonald aan als hoofd van het committe. De
leden van de Volksraad konden zich niks voorstellen van de ontwikkelingen in het
gebied en hadden alleen een vaag idee waar de locatie precies was, dus Jansen
stelde voor dat President Burgers de goudgravingen zou bezoeken, waarin
toegestemd werd. Burgers was erg populair bij de van nature achterdochtige
gravergemeenschap. Ten eerste omdat hij perfect Engels sprak en ten tweede omdat
zijn vrouw een Schot was. Toen de president een kijkje nam bij de
namenregistratie van de goudzoekers viel hem op dat de meeste mensen Schotse
namen hadden, aangezien de meeste namen met “Mac” begonnen. Hij besloot de plek
“Mac Mac” te noemen.
De rol van de transport rijders was erg belangrijk. Ze zorgden voor
voorraden, materiaal en gereedschap voor de gravergemeenschap. Deze rijders,
meestal avontuurlijke jonge mannen, waren een soort op zichzelf en hadden de
eigenschappen om ossen over ruig terrein met vele gevaren en hard werk te leiden.
Een van deze mannen, Percy Fitzpatrick, zou later bekend worden in de Zuid
Afrikaanse politiek.
De Mac Mac Falls werden een Nationaal Monument verklaard op
18 Februari 1993. Cementen paadjes en stenen trappen met veiligheidsrailing zijn
geplaatst om zo toegang te verschaffen naar de uitzichtspunten, vanwaar u de
twee onafgebroken cascades kunt bekijken die de rivier 65 meter naar beneden in
het diepe woud instorten. De Mac Mac gravers waren verantwoordelijk voor de
verandering van de single waterval in een dubbele waterval zoals we het zien
vandaag.
De Mac Mac Pools zijn een populaire picknickplaats, met
veel schaduw door bomen aan de rand van de ondiepe rivier en de rotspoelen.
Er zijn barbeque faciliteiten, toiletten, onderdak en een wandelroute. De
wandelroute werkt zich een weg naar de basis van de Mac Mac watervallen en biedt
een prachtig uitzicht over de waterval van beneden.
Sabie River Gorge en watervallen zijn onder de nieuwe Sabie brug die gebouwd is in de bocht om zo bij de natuurlijke attractie de kloof te passen. Parkeerplaatsen voor het uitzicht zijn aan de rechterkant voor de brug. Er is een korte wandeling door de Williams Memorial Gardens tot uitzichtspunten die een zicht bieden over de kloof en de Sabie rivier 73 meter beneden.
De Bridal Veil Falls is een waterval die op een
bruidssluier lijkt en kan bereikt worden door de Old Lydenburg road te nemen tot
de ongeasfalteerde bosweg aan de rechterkant na ongeveer 3 kilometer. Mondi
Timbers houtmolen, een van de grootste molens in het zuidelijk halfrond, is op
de hoek bij de afslag. Als u doorgaat op deze ongeasfalteerde weg passeert u de
Ceylon Forest Station aan uw rechterkant en gaat u over de nauwe brug tot de
vijfwegkruising. Bij die kruising gaat u door op de hoofdweg. Verderop gaat de
weg rechts en leidt 300 meter verder
naar een riviertje. De waterval kan van daar ook gezien worden.
Er wordt geadviseerd dat u de auto parkeert op het hoge punt van de
heuvel en het ruige pad te voet volgt links voorbij de rivier. Dit pad gaat door
dichte vegetatie tot aan de waterval die 70 meter naar beneden valt in het
midden van het amfitheater aan het begin van de vallei.
De Horseshoe Falls zijn 4km van de Old Lydenburg Road. Deze
ongeasfalteerde weg heeft borden waarop de richting naar de waterval wordt
aangegeven. Deze waterval vormt een perfecte paardenhoef als de rivier in vloed
is en is een Nationaal Monument verklaart. Dit is ook de plek waar de eerste
houtmolen is gebouwd.
De Lone Creek Falls zijn watervallen 9km van Sabie langs de
Old Lydenburg Road. Een mooie korte wandeling van 200 meter door dichte
vegetatie van de kloof komt uit bij een poel, waarin een dunne sliert water over
de 68m hoge afgrond stort. Deze waterval is ook een Nationaal Monument.
Ga terug naar de R532 en rij door Sabie. Neem de bocht naar rechts richting
Lydenburg.
Kijk in de sectie “Sabie” voor andere interessante plekken in Sabie.
De Long Tom Pass die Sabie met Lydenburg vebindt is een van
de meest spectaculaire bergpassen in het land. Met een piek van 2169m is het een
van de hoogste grote wegen in Zuid Afrika. Vanaf Sabie stijgt de weg meer dan
1000m, en daalt daarna weer 670m richting Lydenburg. De weg stijgt en daalt over
hoge scherpe bergen en het is moeilijk te begrijpen dat deze bergpas eens een
natuurlijk obstakel was dat mensen angst aanjoeg. Het is ook
de plek van het langdurende gevecht tussen de Boeren en de Engelsen in
September 1900. Een replica van een Long Tom kanon staat in de bergpas en
herinnerd bezoekers eraan dat de pas vernoemd is naar dit beroemde kanon wat
gebruikt is in de strijd tijdens de Anglo Boeren Oorlog (1899 – 1902).
Graskop
Geschiedenis
De eerste beschreven geschiedenis van Graskop start in 1843, met de aankomst
van de Voortrekkers in het gebied. In 1838 had Louis Trichardt - op zoek naar
een gebied die niet onder de Britseregels viel - Delagoa Bay bereikt via een
alternatieve route door de Oliphant’s River Valley. Deze reis was ten koste van
vele levens verloren door koorts, waarschijnlijk malaria.
In 1843 nam Andries Potgieter - die daarvoor Potchefstroom had gesticht en
op advies van Trichardt - een meer zuidelijke route, wat bijna onmogelijk bleek.
Na overleg namen ze de richting wat nu bekend staat als “Casper’s Neck”,
vernoemd naar Paul Kruger’s vader die pionier was op deze oudste bestaande weg
in de regio en die nog steeds in gebruik is. De groep bereikte de bergrand van
de Drakensberg vanwaar er geen mogelijke richting naar beneden was bij dat punt,
en ook niet binnen 50km in welke
richting dan ook. Ze lieten de vrouwen, kinderen en een paar mannen achter op de
banken van de rivier op de top van de bergrand, met de strikte instructie dat de
wachtende groep terug zou gaan naar Potchefstroom als de groep verkenners niet
in twee maanden terug kwam. De mannen zochtten een veilige route naar het
Lowveld 1000 meter naar beneden. Die weg werd gevonden via een wildpad gemaakt
door dieren op een land die onder controle was van een chief genaamd Koveni -
vandaar de naam Kowyn (Kowyn’s Pass) in Afrikaans - en
deze weg eindigde in Delagoa Bay waar, voor meerdere onbekende redenen,
de mannen vertraagd werden. De wachtende groep vertrok, na een paar dagen meer
dan twee maanden gewacht te hebben, bij de bank van de rivier waar ze
zenuwachtig afgewacht hebben en noemden de rivier de Treur River (Rivier van
Treuren). Een paar dagen later haalde de andere groep ze in op de bank van een
andere rivier. Deze rivier werd prompt de Blyde River (Blije rivier) genoemd.
In 1850 werd de boerderij Graskop - zo genoemd vanwege de uitgestrekte
graslanden en de lange stroken bomen - gerund door Abel Erasmus die in latere
jaren de “Hoofd Native Commissie en Magistraat” voor het hele Lowveld gebied en
de bergrand regio.
De plaatselijke bevolking gaven deze twijfelachtige jager de naam “Dubula
Duzi”, vanwege het feit dat hij altijd tot het laatste moment wachtte voordat
hij zijn geweer afvuurde.
Goud was ontdekt op verschillende plaatsen in de regio rond 1870 en Graskop
was geen uitzondering. Hoewel niet zo dramatisch of lucratief als op andere
plekken in de regio, opmerkzame ogen kunnen nog steeds littekens zien van de
lange vroegere operaties rond Graskop en Pilgrim’s Rest. De laatste prospector (goudzoeker)
“types” besloten in 1996 hun gereedschap op te hangen.
Het waargebeurde verhaal van “Jock of the Bushveld” speelde zich af tussen 1880
en 1890.
Twee hoofdstukken - namelijk “Paradise Camp” en “The baboons and the
leopard” - speelden zich slechts een steenworp van Graskop af. In 1890 was er
behoefte aan een effectievere route voor voorraden bij Pilgrim’s rest, en dit
zorgde ervoor dat Max Carl Gustav Leibnitz zijn fortuin kon maken. Bijna alleen
veranderde deze man een bestaand wildpad in de eerste “Kowyn’s Pass”. De huidige
is de derde en is gebouwd in 1957 bij een stijging van ongeveer een in veertien.
De originele pas had in sommige plaatsen een stijging van een in drie. Op de top
had Leibnitz een Tolheffing gate en een cafe gebouwd.
Leibnitz originele pas kon niet echt een weg genoemd worden. De stijging was
twee tot drie dagen afzien met zweten, hard werk en veel vloeken. De daling was
ook geen picknick want gigantische takken moesten aan de oswagens bevestigd
worden om te assisteren met remmen. Natuurlijk was de
drankverkoop dus goed in het cafe, ook al had Leibnitz geen drankvergunning.
Dit feit was niet echt een probleem, maar wanneer de magistraat van
Lydenburg elke tweede week passeerde op weg naar het Lowveld werd alle drank
haastig verborgen en waren er vele geirriteerde, dorstige mannen die zichzelf in
slaap mompelden. Een keer vroeg de magistraat – die
van de illegale handel afwist maar dit maakte hem niet veel uit - waarom
Leibnitz geen drank verkocht. “Wie past er op mijn tolgate terwijl ik een week
weg ben voor een papiertje?” was zijn antwoord. De magistraat gaf in en zorgde
voor de nodige papieren voor een drankvergunning.
Een treinrails werd gebouwd vanaf Nelspruit door de boerderij Sabie en op de
boerderij Graskop vanaf begin 1910. Deze rails was compleet en klaar voor
opening op 18 Juni 1914. Graskop werd dorp verklaard later datzelfde jaar. In
1918 had Graskop een basisschool, kerk en een winkel.
Praatjes dat Graskop een boerderijdorpje zou worden bleef gewoon dat: praat.
Vanwege de vele regenval was het gebied niet geschikt voor groente en
fruitteelt.
Ook al was vee al aanwezig in het gebied, het gebied was hier ook niet echt
geschikt voor vanwege dat het aanwezige het gras hoofdzakelijk zuur gras was,
wat koeien niet graag eten, en vanwege de vele regenval kregen ze veel last van
hoefrot. Hier werd veeteelt en melkveeteelt dus ook niet op grote schaal gedaan.
Als resultaat van deze factoren bleef Graskop hoofdzakelijk een treinrails
stadje. Toen de late jaren ’20 en vroege jaren ’30
kwam de depressie. In een poging om zoveel mogelijk werkgelegenheid te creeren
besloot de overheid om bomen te planten in het gebied.
Bomen werden altijd al geplant hier, maar de beslissing veranderde een 50
jaar plan in een 5 jaar plan omdat duizenden blanke mannen de eerste bomen bij
hand plantten en een kleine vergoeding ontvingen voor hun werk. Deze kleine
vergoeding hield de dierbaren van deze duizenden mannen in leven in die donkere
dagen. Sinds de depressie en nadat de eerste bomen gekapt werden (feitje: de
bomen in deze regio groeien voor 15 jaar voordat ze gekapt worden) werd Graskop
een houtstadje met een beetje meer welvaart dan ervoor. Tegen de tijd dat de
Tweede Wereldoorlog startte had Graskop een populatie van 700 inwoners.
De dorpshal was gebouwd en er was een golfbaan en een paardenracebaan. Van
beide is huidig niks meer te
bekennen. Het enige wat nooit veranderd is is de constante stroom van toeristen
die gehypnotiseerd zijn door de prachtige omgeving. Ook al was het zo ruig als
het maar kon op de wegen 30 jaar geleden, vele mensen kwamen en werden
overweldigd door het gebied, ondanks dat de wegen bijna onmogelijk te passeren
waren. Vooral in het regenseizoen en tijdens de droge wintermaanden moest grote
afstand tussen auto’s op de weg bewaard worden door al het stof. In die tijd
werden bruggen gebouwd bij Bourke’s Luck potholes en een trip naar de drie
Rondavels was een overnachttrip. Vele inwoners van het gebied zijn nakomelingen
van de mannen die erachter kwamen dat ze niet konden en wilden overleven buiten
“het comfort van de bergen”. Dit comfort trekt jaarlijks honderdduizenden mensen
aan tot de “Greater Escarpment Tourist” regio.